Een beding waarbij één contractspartij zich sterk maakt dat een derde iets zal doen. De derde is hierbij vrij om het welbepaalde al dan niet te doen.

Bij een sterkmaking verbindt één partij zich ertoe een bepaald resultaat te bekomen, namelijk dat de derde iets zal doen. Een sterkmakingsclausule wordt vaak gebruikt bij vastgoedtransacties waarbij een van de eigenaars of kopers niet te gelegener plaatse kan zijn, maar waarbij de ander aangeeft dat die te gelegener tijd wel zal handelen. De ene partner maakt zich bijvoorbeeld sterk dat de andere partner mee de onderhandse akte zal ondertekenen. Of de verkoper maakt zich sterk dat de andere eigenaars, denk onder andere aan de andere erfgenamen van het ouderlijk huis, ook effectief zullen verkopen.

De derde behoudt altijd de vrijheid om al dan niet akkoord te gaan en is nergens toe gehouden. Weigert de derde, dan moet de sterkmaker een schadevergoeding betalen aan de verkoper. Gaat de derde akkoord, dan komt de overeenkomst met terugwerkende kracht tot stand. Hierbij zijn ze ook verantwoordelijk voor eventuele onrechtmatige daden die de sterkmaker heeft gesteld.