Welk maximumbedrag pensioensparen kies jij?

Sinds kort kunnen pensioenspaarders kiezen tussen twee regimes. Centraal staat daarbij dat ze fiscaal gezien meer kunnen sparen voor het pensioen, terwijl de belastingvermindering dan wel zakt van 30% naar 25%. Op welk maximumbedrag je mikt voor jouw pensioensparen is niet onbelangrijk, want er is een fiscale valkuil waar enkele duizenden Belgen in lijken te trappen. Ten slotte moet je ook rekening houden met de eindbelasting.

Lees ook: Waarom moet je aan pensioensparen doen?

Twee fiscale maximumbedragen: 980 euro en 1.260 euro

Vanaf inkomstenjaar 2019 schuift de wetgever twee fiscale maximumbedragen naar voren. Het gaat enerzijds om een maximumbedrag van 980 euro en anderzijds om een maximumbedrag van 1.260 euro. Spaar je maximaal 980 euro, dan reken je op een belastingvermindering van 30%. In de praktijk bespaar je dus 294 euro. Spaar je meer dan 980 euro (tot 1.260 euro) reken je dan weer op een belastingvermindering van 25%. Let wel op, want die belastingvermindering berekent men op het volledig gespaard bedrag.

Lees ook: Welke soorten pensioensparen bestaan er?

Spaar je 1.260 euro, dan resulteert dat in een belastingvermindering van 315 euro. Je spaart met andere woorden 280 euro meer, maar de belastingvermindering neemt slechts met 21 euro toe. Dat is een stijging van zo’n zeven procent, dus daarvoor hoef je het eigenlijk niet te doen. Indien je daarentegen echt hoopt om een groter fiscaal spaarpotje bijeen te sparen, is daar anderzijds ook niks mis mee.

Opletten voor fiscale valkuil bij maximumbedrag pensioensparen

Eenmaal je de grens van 980 euro overschrijdt, wordt de belastingvermindering van 30% naar 25% teruggebracht. Wie 980 euro spaart, rekent met andere woorden op een belastingvermindering van 294 euro. Maar wie 981 euro spaart, moet het doen met een belastingvermindering van 245,25 euro. Hierdoor is het fiscaal gezien niet interessant om tussen de 980 en 1.117 euro per jaar te sparen. Dat lijkt allemaal heel logisch, maar in 2018 zijn er maar liefst 2.742 Belgen in deze fiscale val getrapt.

Rekening houden met eindbelasting

Wanneer je meer spaart, zal je bij het bereiken van de pensioenleeftijd ook een mooi bedrag uitgekeerd krijgen. Dat is leuk, maar dat zorgt er ook voor dat de eindbelasting een stuk hoger is. Die eindbelasting bedraagt 8%. Hier maakt men dan weer een onderscheid tussen pensioenspaarfondsen en pensioenspaarverzekeringen.

Bij pensioenspaarfondsen berekent de fiscus de eindbelasting op het gespaard bedrag, rekening houdende met een fictief rendement van 4,75% op je stortingen. Wanneer de werkelijke opbrengst met andere woorden hoger ligt, dan zal het surplus niet worden belast. Wanneer het daarentegen lager zou liggen, word je eigenlijk te ruim belast. Bij pensioenspaarverzekeringen speelt dit niet, omdat de fiscus dan gewoon rekening houdt met het in de polis gegarandeerde rendement.

Omdat de eindbelasting onafhankelijk is van de genoten belastingvermindering (25% of 30%), weegt het zwaarder door indien je meer spaart dan 980 euro. Dus net boven de grens van 1.117 euro mikken, is eigenlijk ook geen goed idee. Dan trek je het bedrag voor pensioensparen maar beter op tot het maximumbedrag van 1.260 euro.

Verschil is te beperkt voor fiscaal voordeel

Omdat ook de eindbelasting je inkomsten aantast en omdat de belastingvermindering minder zwaar doorweegt, is meer sparen dan 980 euro per jaar niet meteen zo interessant. Het nettoverschil is gewoon te beperkt, tenzij het effectief rendement van je pensioenspaarfonds veel hoger zou liggen dan de fictieve grens van 4,75%. Dan geniet je per slot van rekening van een extra verdoken belastingvoordeel.

Lees ook: Hoeveel geld moet je sparen voor je pensioen?

Maar laten we bovenal realistisch zijn. Pensioenspaarfondsen en pensioenspaarverzekeringen kunnen zelden mooie cijfers voorleggen, tenzij je ze zou vergelijken met spaarboekjes. Eigenlijk kan je daarom beter de onderste drempel aanhouden en op eigen houtje investeren voor je pensioen.

Lorenzo Risack
    Lorenzo Risack

    Lorenzo is jurist en heeft een passie voor het geschreven woord. In een vroegere carrière sleutelde hij aan juridische publicaties en had hij zijn eigen juridisch adviesbureau. Tegenwoordig schrijft hij zowel voor Belgische als Nederlandse media over het ondernemerschap en juridische kwesties. Dit doet hij ook via zijn juridische nieuwsdienst Rechtenkrant.be. Ook voor De Beleggersgids schrijft Lorenzo over juridische thema’s met betrekking tot investeren, beleggen en vastgoed. Dit doet hij op een typerende en eigenzinnige manier.

    Gerelateerde artikels